Home > Verhalen over de Watersnood > Soldaat Piet Lampert tijdens de Ramp in Colijnsplaat
Voorlezen Tekstgrootte

Soldaat Piet Lampert tijdens de Ramp in Colijnsplaat

GEHEUGEN OPFRISSEN

Biggekerkenaar was week op Noord-Beveland

Soldaat tijdens de Ramp: zoekt oud-collega's

door Selma Oman

Piet Lampert Jarenlang waren de gebeurtenissen rond de ramp van 1953 voor Piet Lampert (78) uit Biggekerke niet meer dan een slapende herinnering. Maar met het klimmen der jaren, groeit het verlangen om zijn geheugen aan te vullen. Hij zou graag in contact komen met andere soldaten uit het groepje waarmee hij de eerste dagen na. de ramp hulp ging verlenen op Noord-Beveland.

"Althans dat dachten we, dat we hulp gingen verlenen", blikt Lampert terug. Hij weet nog hoe de militairen in de Generaal Majoor Berghuiskazerne in Middelburg twee katoenen dekentjes de man kregen en wat stenguns met munitie. "Ik dacht: Wat moeten we daar nou mee, we gaan toch mensen redden?"
Eigenlijk is het puur toeval dat de 21-jarige soldaat tijdens de rampnacht op verlof is. Hij is nog maar pas gelegerd in Roermond, maar krijgt toestemming om naar een feestje bij zijn verloofde op Koudekerke te gaan. Die zaterdagavond slaapt hij niet thuis. "Op de terugweg was het zulk bar weer dat mijn schoonmoeder mij niet alleen naar huis wilde laten lopen.
We liepen met zijn vieren of vijven aan de arm, zo hard stormde het", herinnert hij zich 57 jaar later nog.  's Ochtends vroeg klinkt op de radio het bevel dat alle militairen zich bij de dichtstbijzijnde kazerne moet melden. Urenlang schept Lampert zandzakken bij Rammekens. Na een paar uur slaap wordt hij ingedeeld in een groepje dat naar Noord-Beveland gaat.

Wat de mannen daar zien, maakt diepe indruk. Lampert pakt een foto van de Torendijk in Kortgene die net na de overstroming is gemaakt. "Toen wij daar aan land kwamen, knipperden we met onze ogen. En het werd stil. Ik zag nog een paar ligusters in de grond staan en een damhekje, verder was alles weggespoeld. Dat beeld vergeet ik van mijn leven niet."
Die hele tweede februaridag lopen ze onder leiding van een sergeant-majoor kris-kras over Noord-Beveland. "Het was al donker toen we in Colijnsplaat aan kwamen. In de lagere school in de. Voorstraat liggen zes pakjes stro klaar. "Dat hebben we uitgestrooid en toen zijn we gaan slapen." Lampen kruipt samen met Jos Geschiere onder drie dekens. Voor wat extra warmte gooien ze hun jassen daar overheen.
De groep zal zo'n achttien tot twintig man groot zijn geweest, schat Lampert. Namen kent hij niet: het peloton bestaat immers uit allerlei gestrande militairen. Zijn 'slapie' Geschiere leeft niet meer, Verder weet hij nog dat hij met iemand van Domburg patrouilles liep en dat er een 'indo-man' bij was uit Middelburg. "Die was erg stil. Aan zijn embleem kon je zien dat hij in Korea was geweest."

De week op Noord-Beveland, maakt diepe indruk. "Ons werk was patrouille lopen van Colijn, naar Kats en terug. Onderweg moesten we kijken water aangespoeld was, Ik heb zelf gelukkig nooit mensen naar boven moeten trekken. Mijn collega's wel. Zij vonden een meisje van een jaar of vijf in nachtjapon” De militairen zien er ook op toe dat plunderaars geen kans krijgen, "Als ze zouden weglopen, moesten, we schieten", weet Lampert nog. "Maar ik was niet van plan om iemand daar de dood in te jagen."

Colijnsplaat is als door een wonder gespaard gebleven. De legende heeft Lampert altijd gefascineerd. Als dorpsbewoners het in de rampnacht bijna niet meer redden om met hun lichaamskracht de vloedplanken tegen te houden, werpen de golven recht voor de coupure een schip op de kade,
Zelf wordt de boerenzoon in februari '53 vooral getroffen door de aanblik van verdronken paarden, koeien, geiten, schapen en varkens.
Veel contact met de plaatselijke bevolking is er niet. Voor de hongerige soldaten worden pakketten met voedsel gedropt. Het vliegtuig vliegt zo laag over het voetbalveld dat Lampert het tijdens het vlaggen op een lopen zet. "Toen ik die korven op mijn hoofd af zag komen, dacht ik: 'Ik ben weg'."

Jaren heeft hij niet meer aan de nadagen van de watersnood gedacht. Maar sinds de vijftigjarige herdenking in 2003 gaan zijn gedachten steeds vaker terug. Hij bespeurt gaten in zijn verhaal. Daarom wil hij een reünie organiseren met de dienstplichtigen die samen met hem in Colijnsplaat waren. "Ik wil weten hoe die mannen die tijd hebben beleefd en hoe zij hun ervaringen verwerken."

* Wie zich wil aanmelden voor de reünie kan contact opnemen met 0118-551982 of mailen naar lampertsr@zeelandnet.nl*

[Bron: PZC (Bevelanden-Tholen) dinsdag 2 februari 2010, pag. 20-21]

Contact

Gemeentehuis

Voorstraat 31, 4491 EV Wissenkerke
Tel.: 14 0113
E-mail: info@noord-beveland.nl

Postadres

Postbus 3, 4490 AA Wissenkerke

Meer contactinformatie en openingstijden

Volg de gemeente Noord-Beveland:

Twitter  Facebook